Hoe kan ons denken onze gezondheid beïnvloeden?

De invloed van psychologische processen op fysieke gezondheid
Onderzoek naar onder meer stresshantering (1), placebo-effecten (2), depressie en optimisme (3) laat overtuigend zien dat psychologische processen invloed hebben op iemands fysieke toestand.

Hoe de cortex (het denken) de rest van het lichaam beïnvloedt
Theorieën over psycho-neuroimmunologie (4) schetsen een plausibele biologische route waarlangs psychologische processen fysieke veranderingen teweeg kunnen brengen. Het centrale zenuwstelsel is via zenuwbanen verbonden met organen die immuunreacties produceren (5). Bovendien kan het centrale zenuwstelsel het immuunsysteem via hormonale reacties beïnvloeden (6).

Factoren die de gezondheid beïnvloeden
Wat bepaalt of iemand lang leeft en tot op hoge leeftijd vitaal blijft? In de wetenschappelijke literatuur wordt een aantal factoren genoemd.

  1. Erfelijkheid
    Iemand die ouders en grootouders heeft die een hoge leeftijd bereiken en die lang vitaal blijven, heeft zelf ook een grotere kans op een lang en vitaal leven. Onderzoek naar tweelingen (7) laat zien dat erfelijke factoren voor 20 tot 30 procent bepalen of iemand lang leeft en lang gezond blijft. Dit is de enige factor die niet psychologisch te beïnvloeden is.
  1. Dieet
    Leefgewoonten zijn een tweede factor die onmiskenbaar een rol speelt bij de vraag of iemand lang leeft en hoe lang hij gezond blijft. Zevende-dag-adventisten bijvoorbeeld, die een geloof aanhangen dat gezonde leefgewoonten predikt, leven ongeveer acht jaar langer dan de gemiddelde Amerikaan (8). Zevende-dag-adventisten bewegen regelmatig, eten vegetarisch, roken niet en drinken geen alcohol. Een Zweedse studie uit 2011 (9) rapporteerde over 855 mannen die medisch onderzocht werden op hun 50ste, 54ste, 60ste en 67ste. Met name niet roken (het meest belangrijk), een laag cholesterol niveau, een hoog inkomen en een goede conditie (maximum excercise test) voorspelden of iemand de 90 zou halen.
  1. Verslaving
    Verslavingen (alcohol, opiaten, e.d.) beïnvloeden iemands levensverwachting negatief. Sommige studies (10) laten zelfs zien dat verslaafden tot 18 jaar korter leven dan mensen die niet verslaafd zijn.
  1. Fysieke activiteit
    Een studie uit 2012, waarin gegevens over 654.827 mensen tussen de 21 en de 90 werden verwerkt (11), liet zien dat fysieke activiteit een positieve invloed heeft op iemands levensverwachting. Fysiek actief zijn (stevig wandelen) gedurende 150 minuten per week hing samen met een gemiddelde toename van de levensverwachting van 3,4 tot 4,5 jaar.
  1. Het hanteren van stress
    Het ervaren van stress gaat gepaard met een lagere levensverwachting. Een Engelse studie uit 2012 (12) keek naar 68.222 mensen van 35 jaar en ouder. Men vond een z.g. ‘dose-response’ relatie tussen stress (‘psychological distress’) en kans op overlijden. Hoe meer stress, hoe korter de levensverwachting. Het gaat hier om de mate van stress die mensen ervaren.
  1. Sociale verbondenheid
    Het aantal en de kwaliteit van iemands sociale relaties is eveneens van invloed op zijn levensverwachting. Een meta-analyse uit 2010 laat zien (13) dat sterke sociale relaties de kans op overlijden met 50% reduceren. Dit effect geldt voor alle leeftijdscategorieën en is onafhankelijk van de gezondheidstoestand. Voor deze studie werd naar gegevens van 308.849 personen gekeken. Het effect is het sterkst voor metingen van ‘sociale integratie’.
  1. Zingeving, spiritualiteit en godsdienst
    In de wetenschappelijk literatuur (14) worden positieve verbanden gevonden tussen spirituele overtuigingen (ook wel ‘spirituele intelligentie’ genoemd) plus deelname aan godsdienstige rituelen enerzijds en fysieke gezondheid anderzijds.
  1. Het vermijden van gevaarlijke en ongezonde situaties
    Ten slotte is er nog het vermijden van gezondheidsrisico’s, of positief gezegd: het handhaven van veilige grenzen. Iemand die bijvoorbeeld als vrijwilliger deelneemt aan een oorlog heeft een lagere levensverwachting dan iemand die dit soort activiteiten niet doet.

Denken heeft invloed
Als we kijken naar de bovengenoemde factoren, dan is erfelijkheid eigenlijk de enige factor die niet beïnvloed wordt door het denken. Alle andere factoren worden beïnvloed door hoe iemand denkt en wat hij belangrijk vindt. Zelfs rampen en ongezonde situaties kunnen soms vermeden worden als iemand tijdig reageert.

Positieve gezondheid
Als we deze factoren overzien en ze in het kader van het HTProject plaatsen, zien we sterke verbanden met de zes pijlers van het het model van ‘positieve gezondheid‘.

  1. Lichaamsfuncties
    De kwaliteit hiervan is wat wij indirect willen beïnvloeden via een verandering van denkstijl (onze 'afhankelijke variabele').
  2. Mentale functies en -beleving
    Deze pijler willen wij rechtstreeks beïnvloeden via training. Dit is het doel van onze apps en scans (onze 'onafhankelijke variabele').
  3. Spiritueel/existentiële toestand
    Dit is een factor die wij tot op zekere hoogte meenemen in onze waardenanalyse.
  4. Kwaliteit van leven
    Dit is eveneens een pijler die wij indirect hopen te beïnvloeden. Wij verwachten dat onze 'gezonde dekstijl' hierheen positieve invloed op heeft.
  5. Sociaal maatschappelijke participatie
    Deze pijler nemen wij in onze opzet niet mee, hoewel het interessant is, om te kijken of onze 'gezonde denkstijl' deze pijler automatisch positief beïnvloedt.
  6. Dagelijks functioneren
    Deze pijler nemen wij in onze opzet niet mee.


Literatuur

1. The impact of daily stress on health and mood: Psychological and social resources as mediators. DeLongis, Anita; Folkman, Susan; Lazarus, Richard S. Journal of Personality and Social Psychology, Vol 54(3), Mar 1988, 486-495

2. Expectation and dopamine release: mechanism of the placebo effect in Parkinson's disease. R de la Fuente-Fernández et al. Science, 2001

3 Dispositional Optimism and Physical Well-Being: The Influence of Generalized Outcome Expectancies on Health. Michael E Scheier and Charles S. Carver. Journal of Personality Volume 55, Issue 2, pages 169–210, June 1987

4 Health Psychology: Psychological Factors and Physical Disease from the Perspective of Human Psychoneuroimmunology. Cohen, S. and Herbert, Tracy B., Annu. Rev. Psychol. 1996, 47:113-42

5. Noradrenergic Sympathetic Innervation of Lymphoid Tissue. Felter, DL., et al, J. Immunol. 1985, 135: 7555-655

6. Opioid peptides mediate the suppressive effect of stress on natural killer cell cytotoxicity. Shavit Y., et al, 1984, Science 223:188

7.  Skytthe A, et al (2003) Longevity studies in GenomEUtwin. Twin Res 6(5):448–455

8.  Loma Linda University Adventist Health Study. Bibliography of health-related research studies among Seventh-day Adventists. Internet: http://www.llu.edu/llu/health/abstracts/ (assessed 30 May 2003).

9.  Wilhelmsen L, et al. Factors associated with reaching 90 years of age: a study of men born in 1913 in Gothenburg, Sweden. J Intern Med 2011; 269: 441–451.

10.  Smyth, B. et al. Years of potential life lost among heroin addicts 33 years after treatment. Preventive Medicine 44(4):369-374, 2007

11 Leisure Time Physical Activity of Moderate to Vigorous Intensity and Mortality: A Large Pooled Cohort Analysis. Steven C. Moore et al. 2012, DOI: 10.1371/journal.pmed.100133

12.  Association between psychological distress and mortality: individual participant pooled analysis of 10 prospective cohort studies. Tom C Russ et al. BMJ 2012; 345

13.  Social Relationships and Mortality Risk: A Meta-analytic Review. Julianne Holt-Lunstad et al., 2010, DOI: 10.1371/journal.pmed.100031

14.  Religious attendance and cause of death over 31 years. Doug Oman et al. The International Journal of Psychiatry in Medicine, Volume 32, Number 1 / 2002

 

De invloed van psychologische processen op fysieke gezondheid
Wetenschappelijk onderzoek naar onder meer stresshantering (1), placebo-effecten (2), depressie en optimisme (3) laat overtuigend zien dat psychologische processen invloed hebben op iemands fysieke toestand.

Hoe de cortex (het denken)  de rest van het lichaam beïnvloedt
Theorieën over psycho-neuroimmunologie (4) schetsen een plausibele biologische route waarlangs psychologische processen fysieke veranderingen teweeg kunnen brengen. Het centrale zenuwstelsel is via zenuwbanen verbonden met organen die immuunreacties produceren (5). Bovendien kan het centrale zenuwstelsel het immuunsysteem via hormonale reacties beïnvloeden (6).

Factoren die de gezondheid beïnvloeden
Wat bepaalt of iemand lang leeft en tot op hoge leeftijd vitaal blijft? In de wetenschappelijke literatuur wordt een aantal factoren genoemd.

  1. Erfelijkheid
    Iemand die ouders en grootouders heeft die een hoge leeftijd bereiken en die lang vitaal blijven, heeft zelf ook een grotere kans op een lang en vitaal leven. Onderzoek naar tweelingen (7) laat zien dat erfelijke factoren voor 20 tot 30 procent bepalen of iemand lang leeft en lang gezond blijft. Dit is de enige factor die niet psychologisch te beïnvloeden is.
  1. Dieet
    Leefgewoonten zijn een tweede factor die onmiskenbaar een rol speelt bij de vraag of iemand lang leeft en hoe lang hij gezond blijft. Zevende-dag-adventisten bijvoorbeeld, die een geloof aanhangen dat gezonde leefgewoonten predikt, leven ongeveer acht jaar langer dan de gemiddelde Amerikaan (8). Zevende-dag-adventisten bewegen regelmatig, eten vegetarisch, roken niet en drinken geen alcohol. Een Zweedse studie uit 2011 (9) rapporteerde over 855 mannen die medisch onderzocht werden op hun 50ste, 54ste, 60ste en 67ste. Met name niet roken (het meest belangrijk), een laag cholesterol niveau, een hoog inkomen en een goede conditie (maximum excercise test) voorspelden of iemand de 90 zou halen.
  1. Verslaving
    Verslavingen (alcohol, opiaten, e.d.) beïnvloeden iemands levensverwachting negatief. Sommige studies (10) laten zelfs zien dat verslaafden tot 18 jaar korter leven dan mensen die niet verslaafd zijn.
  1. Fysieke activiteit
    Een studie uit 2012, waarin gegevens over 654.827 mensen tussen de 21 en de 90 werden verwerkt (11), liet zien dat fysieke activiteit een positieve invloed heeft op iemands levensverwachting. Fysiek actief zijn (stevig wandelen) gedurende 150 minuten per week hing samen met een gemiddelde toename van de levensverwachting van 3,4 tot 4,5 jaar.
  1. Het hanteren van stress
    Het ervaren van stress gaat gepaard met een lagere levensverwachting. Een Engelse studie uit 2012 (12) keek naar 68.222 mensen van 35 jaar en ouder. Men vond een z.g. ‘dose-response’ relatie tussen stress (‘psychological distress’) en kans op overlijden. Hoe meer stress, hoe korter de levensverwachting. Het gaat hier om de mate van stress die mensen ervaren.
  1. Sociale verbondenheid
    Het aantal en de kwaliteit van iemands sociale relaties is eveneens van invloed op zijn levensverwachting. Een meta-analyse uit 2010 laat zien (13) dat sterke sociale relaties de kans op overlijden met 50% reduceren. Dit effect geldt voor alle leeftijdscategorieën en is onafhankelijk van de gezondheidstoestand. Voor deze studie werd naar gegevens van 308.849 personen gekeken. Het effect is het sterkst voor metingen van ‘sociale integratie’.
  1. Zingeving, spiritualiteit en godsdienst
    In de wetenschappelijk literatuur (14) worden positieve verbanden gevonden tussen spirituele overtuigingen (ook wel ‘spirituele intelligentie’ genoemd) plus deelname aan godsdienstige rituelen enerzijds en fysieke gezondheid anderzijds.
  1. Het vermijden van gevaarlijke en ongezonde situaties
    Ten slotte is er nog het vermijden van gezondheidsrisico’s, of positief gezegd: het handhaven van veilige grenzen. Iemand die bijvoorbeeld als vrijwilliger deelneemt aan een oorlog heeft een lagere levensverwachting dan iemand die dit soort activiteiten niet doet.

Denken heeft invloed
Als we kijken naar de bovengenoemde factoren, dan is erfelijkheid eigenlijk de enige factor die niet beïnvloed wordt door het denken. Alle andere factoren worden beïnvloed door hoe iemand denkt en wat hij belangrijk vindt. Zelfs rampen en ongezonde situaties kunnen soms vermeden worden als iemand tijdig reageert.

Positieve gezondheid
Als we deze factoren overzien en ze in het raamwerk van het gezbdn.denken project plaatsen, zien we sterke verbanden met de zes pijlers van het het model van ‘positieve gezondheid‘.

  1. Lichaamsfuncties
    De kwaliteit hiervan is wat wij indirect willen beïnvloeden via een verandering van denkstijl (onze ‘afhankelijke variabele’).
  2. Mentale functies en -beleving
    Deze pijler willen wij rechtstreeks beïnvloeden via training. Dit is het doel van onze apps en scans (onze ‘onafhankelijke variabele’).
  3. Spiritueel/existentiële toestand
    Dit is een factor die wij tot op zekere hoogte meenemen in onze waardenanalyse.
  4. Kwaliteit van leven
    Dit is eveneens een pijler die wij indirect hopen te beïnvloeden. Wij verwachten dat onze ‘gezonde dekstijl’ hierheen positieve invloed op heeft.
  5. Sociaal maatschappelijke participatie
    Deze pijler nemen wij in onze opzet niet mee, hoewel het interessant is, om te kijken of onze ‘gezonde denkstijl’ deze pijler automatisch positief beïnvloedt.
  6. Dagelijks functioneren
    Deze pijler nemen wij in onze opzet niet mee.

 Literatuur

1. The impact of daily stress on health and mood: Psychological and social resources as mediators. DeLongis, Anita; Folkman, Susan; Lazarus, Richard S. Journal of Personality and Social Psychology, Vol 54(3), Mar 1988, 486-495

2. Expectation and dopamine release: mechanism of the placebo effect in Parkinson’s disease. R de la Fuente-Fernández et al. Science, 2001

3 Dispositional Optimism and Physical Well-Being: The Influence of Generalized Outcome Expectancies on Health. Michael E Scheier and Charles S. Carver. Journal of Personality Volume 55, Issue 2, pages 169–210, June 1987

4 Health Psychology: Psychological Factors and Physical Disease from the Perspective of Human Psychoneuroimmunology. Cohen, S. and Herbert, Tracy B., Annu. Rev. Psychol. 1996, 47:113-42

5. Noradrenergic Sympathetic Innervation of Lymphoid Tissue. Felter, DL., et al, J. Immunol. 1985, 135: 7555-655

6. Opioid peptides mediate the suppressive effect of stress on natural killer cell cytotoxicity. Shavit Y., et al, 1984, Science 223:188

7.  Skytthe A, et al (2003) Longevity studies in GenomEUtwin. Twin Res 6(5):448–455

8.  Loma Linda University Adventist Health Study. Bibliography of health-related research studies among Seventh-day Adventists. Internet: http://www.llu.edu/llu/health/abstracts/ (assessed 30 May 2003).

9.  Wilhelmsen L, et al. Factors associated with reaching 90 years of age: a study of men born in 1913 in Gothenburg, Sweden. J Intern Med 2011; 269: 441–451.

10.  Smyth, B. et al. Years of potential life lost among heroin addicts 33 years after treatment. Preventive Medicine 44(4):369-374, 2007

11 Leisure Time Physical Activity of Moderate to Vigorous Intensity and Mortality: A Large Pooled Cohort Analysis. Steven C. Moore et al. 2012, DOI: 10.1371/journal.pmed.100133

12.  Association between psychological distress and mortality: individual participant pooled analysis of 10 prospective cohort studies. Tom C Russ et al. BMJ 2012; 345

13.  Social Relationships and Mortality Risk: A Meta-analytic Review. Julianne Holt-Lunstad et al., 2010, DOI: 10.1371/journal.pmed.100031

14.  Religious attendance and cause of death over 31 years. Doug Oman et al. The International Journal of Psychiatry in Medicine, Volume 32, Number 1 / 2002